Ik reed gisteravond na de les naar huis met aan de horizon nog een beetje van de zon die van achter de aarde de lucht nog even rood kleurde. Best nog warm, l'été Indien een beetje. Het was alsof ik een paar jaar in de tijd terug was geschoten, dezelfde sfeer, gevoelens, naar september 2010. Ik dacht aan mijn ouders die hier nog vlakbij woonden, Ma die nog leefde, aan Brigitte die 4 jaar geleden rond deze periode binnen gegaan was in de pijnkliniek voor een permanente pijnpomp, de pijn die langzaam won van de moed, enorme moed waarmee ze nog leefde.
Met wat ik nu weet het finale stadium voor een terminale kankerpatiënt. Als men je niet meer kan genezen, als alles in je lichaam kapot is kan men je enkel nog toelaten om zelf morfineshots te geven.
Het was een vreemd gevoel wat me overkwam, rust, beschouwing, weemoed, verdriet, berusting en gelatenheid, niet te omschrijven. Alsof het iemand anders overkwam, niet om mij ging.
Maar toch ook een vorm van dankbaarheid omdat ik die gevoelens een beetje kon plaatsen in het relatieve van het leven. Niet dat het eenvoudig is. Ik denk dat je daarvoor lang genoeg moet leven, genoeg moet meemaken, Dankbaar moet kunnen zijn zonder je weerbaarheid te verliezen. Het mooie blijven koesteren en blij zijn om wat goed was.